Bruce Springsteen – Darkness on the Edge of Town (1978)

Bruce Springsteen – Darkness on the Edge of TownVanaf dat de cassettebandjes in de auto werden gedraaid, is deze artiest blijven hangen. Als kind krijg je alleen de drive van de muziek mee, maar dit is één van die mensen die volledig overtuigend blijft wanneer je op latere leeftijd in de teksten duikt. Simpel op het eerste gehoor, overweldigend ingewikkeld als je het zelf ooit probeert. Akkoorden en woorden. Dat is de essentie van zijn muziek en die hoor je op dit album misschien wel beter dan zijn anderen, Bruce Springsteen. Mijn vader koos de bandjes in de auto, mijn vriend sleepte me mee naar zijn concerten, beide ben ik eeuwig dankbaar. Alle concerten na je eerste Bruce-concert zijn teleurstellend: ‘Die watjes spelen maar tweeënhalf uur!’ Het is onvermijdelijk dat ik over hem en één van zijn albums schrijf. Dit is zijn beste denk ik, maar ironisch genoeg staat hier niet mijn favoriete nummer op, een luxeprobleem dat menig muziekliefhebber wel zal herkennen. Wel die ultieme meezinger (woooo-ho-ho-hooo-how) op nummer 1, die ieder concert een publieksfavoriet is. Maar het gaat hier om platen, dus hier het verhaal van – en achter – Darkness on the Edge of Town.

Bruce Springsteen vond met zijn derde album Born To Run het grote succes. Dit vertaalde zich niet in financieel succes, omdat zijn manager Mike Appel hem een belabberd contract had aangesmeerd. Dit contract is eens omschreven als een slechtere deal dan de indianen kregen die Manhattan verkochten voor vierentwintig dollar. Toen Springsteen een nieuw contract wilde, liep het mis en werd hij door rechtszaken twee jaar weerhouden van het opnemen van nieuw materiaal op de manier die hij wilde. Hij schreef ondertussen naar schatting zestig nummers (!) waarvan er maar tien overbleven op Darkness on the Edge of Town, zijn vierde album. De sound zou veel kaler zijn dan de bombastische sound van Born To Run. Dit gezegd hebbende zaten Springsteen en Jon Landau (vriend, producer en na Darkness manager) uren, dagen, weken te friemelen om alleen het geluid van de snare drum naar tevredenheid op te nemen. De twee mannen waren destijds volgens Springsteen zelf nog amateur producers. Maar dit is achteraf een voordeel gebleken, omdat ze alles zelf moesten uitvinden en niet uitgingen van standaardoplossingen. De sound staat na bijna veertig jaar nog steeds als een huis, veel meer dan het geluid van Born To Run.

Als Born To Run ging over geliefden die samen vluchtten, dan maakten ze op Darkness on the Edge of Town rechtsomkeer en reden ze terug naar huis. Daar zagen ze hun problemen onder ogen zo schrijft Springsteen in zijn autobiografie (Born To Run, 2016).

Op nummer 1 zoals hierboven al aangestipt de meezinger Badlands. Met zijn superkorte drum intro en de twee gitaren en één piano die volgen weet je meteen: De E Street Band heeft zijn definitieve vorm gevonden. De herkenbare Clarence Clemons-solo in het midden na Springsteen’s eigen gitaarsolo, versterken hart en ziel van het nummer. Deze solo is pas na de eerste mix toegevoegd omdat Springsteen, gelukkig, iets miste in het geheel. In de tekst vinden we klassieke thema’s van hem: Ga niet wachten tot het iets wordt; dan komt het niet. Verspil je tijd niet maar doe je werk en probeer, ook in de liefde. Beter je hart breken, dan dat je het nooit geprobeerd hebt. Maar: Sta ook stil bij de dingen die je al hebt anders word je nooit tevreden, samengevat in de prachtige woorden: ‘Poor man wanna be rich, rich man wanna be king. And a king ain’t satisfied till he rules everything. I wanna go out tonight, I wanna find out what I got.’ Het tweede nummer genaamd Adam Raised a Cain gaat zoals de titel al impliceert over vader-zoon relaties. ‘Raised a Cain’ betekent overigens ook dat je problemen gemaakt hebt, de boel op stelten gezet. Hevig leunend op de orgelsound van de briljante Danny Federici en met de Bijbelse verwijzingen lijkt deze song een gospelnummer met scherpe tanden. Ook de break met samenzang doet denken aan kerkelijke taferelen. Aan de gitaarsound is echter niks spiritueels, die is aards en aangenaam smerig. De solo bestaat voornamelijk uit twee aangehouden noten. De tekst is door Springsteen ‘emotioneel autobiografisch’ genoemd; hij had een problematische verhouding met zijn vader, die later werd gediagnosticeerd als schizofreen. De boodschap is dat je nooit ontkomt aan de letterlijke en figuurlijke plaatsen waar je, je bevindt tijdens je jeugd.

Something in the Night begint met de piano van Roy Bittan en op de achtergrond de gitaar en bas. Als negentien seconden van het nummer zijn verstreken is Springsteen heel zacht te horen alsof hij even checkt of hij met zijn stem wel de goede hoogte heeft. De tekst begint met een autobestuurder die plankgas geeft, een terugkerend thema op dit album en anderen. Wat het ‘something’ in de nacht is, wordt niet gedefinieerd. Wel dat in het derde couplet – waarop Springsteen alleen zingt met het geluid van twee trommels – alles waarvan men houdt, kapot gaat. De hoofdpersoon is ineens deel van een duo of groep en vertelt dat ze wilden vluchten maar gepakt werden en achtergelaten, zoekend naar ‘something in the night’. Dan klinkt het bevrijdende gitaarriffje en Springsteen zingt de ad lib die ook in het intro te horen is, maar dan nog intenser. Of het helemaal zuiver is, doet er in dit geval niet toe; de emotie voelt zuiver en gemeend. Met een geschreeuwd ‘So’ doet Springsteen zijn bijnaam ‘The Boss’ eer aan en stuurt hij de band richting de slotnoten. Candy’s Room is op een sneller tempo gezet en begint opzwepend met het gerikketik van de drumstokjes, spaarzame pianotonen en een pratende Springsteen. De tekst die hij uitspreekt en –zingt is één van zijn mooiste. Zoals bij veel teksten op Darkness, vult hij niet alle details in, zodat er nog wat voor de verbeelding overblijft. Candy lijkt een populaire dame bij haar mannelijke medemens, zo ook bij de hoofdpersoon; laten we hem even Bruce noemen. Maar om bij Candy op haar kamer te geraken, moet Bruce eerst een donkere gang door. Springsteen speelt in de tekst voortdurend met verschillende ruimtes, echte en voorgestelde. Een donkere gang, vuur schiet naar de hemel, doe je ogen dicht en je ziet verborgen werelden. Hij eindigt met een happy end. Candy wil alleen Bruce en hij haar. Het enige wat hij wil is Candy de zijne maken, vanavond. Nog niet gelukt dus; toch een open einde? De solo lijkt geïmproviseerd en klinkt in ieder geval heavy maar wel fris. In 2 minuut 46 hebben we Candy’s wereld verkent en racen we weer op straat.

Racing in the Street begint met een dichterlijke vrijheid, waarop ik werd gewezen door mijn vader. De auto van de hoofdpersoon is een Chevrolet uit 1969. Dit exemplaar heeft klaarblijkelijk een motor met een inhoud van 6,5 liter (‘a 396 [cubic inches]’) en injectie (‘Fuelie heads’). Maar volgens mijn vader (en enkele volgeschreven fora) is dit onmogelijk, daar motoren van dit formaat niet geleverd werden met injectie. Ook is het praktisch niet haalbaar om het er zelf op te bouwen. Of het klopt of niet, feit is dat het zinnetje wel heerlijk loopt op de muziek. En als Springsteen zegt dat hij de auto met zijn partner ‘straight out of scratch’ heeft gebouwd wil je hem graag geloven… De auto in het lied wint van iedereen, maar de ik-persoon niet. Ook zijn geliefde, die hij in het derde couplet gewonnen heeft van een langzame collega Chevrolet-bezitter, verliest hij uiteindelijk. Interessant is dat het maar de vraag was of er een meisje in dit nummer terecht zou komen. In de uitstekende documentaire The Promise: The Making of Darkness on the Edge of Town (2010) komt naar voren dat Springsteen twee versies van de tekst had. Eén met en één zonder ‘girl’. Gitarist Steven Van Zandt en een vrouwelijke fan van het eerste uur, mochten kiezen en het is duidelijk welke versie het gehaald heeft. Het nummer eindigt met een coda waarin eigenlijk niet een solo zit, maar gewoon een themaatje dat voortdurend wordt herhaald. De piano, die zo prominent aanwezig is op dit album, zet het begin van het einde in. Langzaam komen één voor één de andere instrumenten er weer bij, waarvan voor mij (weer) het orgel van Danny Federici eruit springt. Juist omdat dat zo rustig blijft en met haar klank zorgt voor een emotionele diepgang die aanzet tot overpeinzing. Racing in the Street noteert de langste speeltijd en is gepositioneerd op het einde van kant 1. Reden om aan te nemen dat dit een zwaartepunt van het album is.

Promised Land is weer wat sneller van tempo en misschien meer recht toe recht aan. De onderwerpen van dit nummer zijn kenmerkend voor het hele album; Volwassen worden, het heft in eigen handen nemen, veerkracht tonen en het begint uiteraard met autorijden. Volgens Springsteen zelf gaat het ook over de periode voor Darkness, toen hij niet kon doen wat hij wilde, muziek opnemen met de band. Hij heeft het idee dat hij niet genoeg voor zijn bandleden kon zorgen. Maar nu is hij weer klaar om te vechten. Hij gooit negatieve dromen weg en zelfs de honden weten (ja echt, luister maar naar het refrein) dat hij er weer in gelooft. Een prominente rol is weggelegd voor de mondharmonica van Springsteen zelf, die al begint tijdens het intro. Ook de gitaarsolo en saxofoonsolo van de ‘Big Man’ Clarence Clemons zijn onmisbaar. Factory lijkt een simpel nummer, maar luister beter en besef dat dit één van de meest emotionele nummers is. De tekst is niet al te lang maar wel voor een groot deel autobiografisch, twee kenmerken die bijdragen aan de zeggingskracht.  De vader in het nummer is de vader van Springsteen die ook echt doof werd in een (plastic)fabriek. Het tempo gaat hier iets omlaag ten opzichte van het vorige nummer. Je ziet dat de keuzes van de volgorde van de nummers (en hun tempo) heel bewust zijn. Springsteen bedacht verschillende volgordes voor het uiteindelijke album en luisterde die vervolgens integraal om te bepalen welke het sterkst was.

Als ik één minder nummer aan zou moeten wijzen, zou het Streets of Fire zijn. Springsteen probeert naar mijn mening iets te hard om ruig en doorleefd te klinken. Ook de solo lijkt iets te willen zijn wat het eigenlijk niet is. Maar dit is puur persoonlijk. Springsteens tekstschrijvers-capaciteiten staan overigens volledig buiten kijf, bewezen door de briljante tekst ‘I live now, only with strangers (…) I walk with angels that have no place. Streets of fire.’ De tekst in zijn geheel gaat volgens mij over de drie jaar voorafgaand aan de plaat waarin leugens en bedrog hem parten speelden. Misschien is het nummer dan ook wel bedoeld om niet zo aangenaam te klinken. Er lijken momenten te zijn geweest waar Springsteen wilde opgeven. Dat weigert hij uiteraard en gelukkig is daar het nummer Prove It Al Night dat verlichting biedt. Dit was de eerste single en het is dan ook niet verassend dat er een lekker meezingcouplet in zit. De tekst is ook aangenaam positief, maar wel met een addertje onder het gras. Het stelletje in het liedje gaat ervandoor in iets met een stuur – waarschijnlijk  weer een auto – en er is niks wat ze niet aankunnen. Het addertje komt aan het eind van het tweede couplet met de waarschuwing: ‘This ain’t no dream we’re living through tonight, Girl, you want it, you take it, you pay the price.’ Ook hier weer een solo van Clarence Clemons. Deze zijn redelijk schaars op het album maar springen er daardoor extra uit, mede door de constante onberispelijk hoge kwaliteit.

Met het titelnummer zijn we aangekomen bij de conclusie van het album en deze recensie. De titel komt uit een niet nader genoemde film en het album is duidelijk beïnvloed door film, met name de Amerikaanse Film Noir. Het gaat te ver om hier helemaal op in te gaan, maar duidelijk is dat producers en musici eropuit waren een ‘geluidsbeeld’ te scheppen. Een beeld dat veel meer gestileerd en kaler is dan wat ervoor en erna kwam. Om dit te bereiken zijn veel offers gebracht. De genoemde uren in de studio om het geluid goed te krijgen, maar ook het rigoureus schrappen van nummers. Sommige werden bewaard voor latere albums, sommige werden aan andere artiesten ‘geschonken’. Mega succesnummers als Fire van The Pointer Sisters en Because The Night van Patti Smith zijn in de Darkness periode geschreven. Je moet wel een harde zijn om die weg te gooien, maar het heeft zeer goed uitgepakt. Als je een uitgesproken liefdesliedje als Fire in de playlist had gehad, was het verhaal verstoord. Ook Because the Night was een buitenbeentje geweest op het album. Beide nummers vonden en vinden wel regelmatig hun weg naar de setlist van optredens van Springsteen zelf.

Aan het begin van het nummer Darkness on the Edge of Town kan Springsteen het toch niet laten een kleine raceverwijzing te maken. Maar deze verwijzing heeft een belangrijke functie. Het racen van de ‘ik’ in het nummer is een belangrijk deel van die ik-persoon. Een deel van hem dat zijn vrouw niet kon accepteren. De les uit dit nummer is de les van het hele album. Springsteen breekt een lans voor zelfontplooiing. Als je jezelf wilt zijn moet je die donkere plek opzoeken in jezelf. Als je nooit over de rand kijkt, kom je nergens. Dus doe als Springsteen:

Tonight I’ll be on that hill ’cause I can’t stop
I’ll be on that hill with everything I got
Lives on the line where dreams are found and lost
I’ll be there on time and I’ll pay the cost
For wanting things that can only be found
In the darkness on the edge of town

Dit album gaat me aan het hart schrijf ik wanneer de laatste tonen van Darkness on the Edge of Town wegvagen. Op het ritme van de drums en de tonen van het orgel van Danny Federici, die helaas overleed in 2008, gevolgd door Clarence Clemons in 2011. Zij leven voort door hun muziek.

9,5

Over Berrie Reijs

Berrie Reijs
Sinds de cassettebandjes in de auto op weg naar de zomervakantiebestemming ben ik geobsedeerd door muziek. Veel van de artiesten die toen voorbij kwamen zijn nu deel van mijn platencollectie. Later is mijn smaak breder geworden en vandaag gaat die van country via punkrock naar hiphop en weer terug. Ik sluit me in deze volledig aan bij Jimi Hendrix die stelde dat er maar twee soorten muziek bestaan: Goede en slechte. Schrijven vind ik een aangename bezigheid en door te schrijven voor deze site, wil ik mensen kennis laten maken met de muziek waar ik van houd en mijn schrijfstijl.

Lees ook eens

King Crimson – Red (1974)

Als pionier van de progressive rock zorgde de Engelse band King Crimson er eind jaren 60 …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *