Townes Van Zandt – The Late Great Townes Van Zandt (1972)

The Late Great Townes Van ZandtGenialiteit gaat vaak gepaard met roekeloosheid. Townes Van Zandt kwam in 1997, op 52-jarige leeftijd, te overlijden als indirect gevolg van een leven lang overmatig alcoholgebruik. Helaas was de zwartgallige titel The Late Great Townes Van Zandt dus veel te snel uitgekomen. ‘The late great’ is namelijk iets wat je zegt als iemand overleden is. De cover van het album is ontworpen als een bidprentje uit de negentiende eeuw. Naast drank, gebruikte Van Zandt vrijwel alles wat voorhanden was. Van lijm snuiven op de middelbare school en hoestdrank (codeïne) tot heroïne. Als hij zijn geld niet uitgaf aan drank en drugs verloor hij het met gokken. Geld op? Dan zette hij zijn shirt, hoed, laarzen, of een avondje met zijn vriendin in. Op zijn Oudhollands gezegd: Hij had overal schijt aan, wat terug te zien is op de achterkant van de platenhoes. Een opgestoken middelvinger van Townes naar de camera en misschien wel naar de dood. Zijn liederen leven nog steeds: Succesvolle rockbands zoals Kings of Leon noemen Van Zandt als inspiratie. Voor dit album schreef hij maar zes van de nummers alleen, de rest zijn samenwerkingen of covers. Dit zorgt voor een iets lichtere sfeer dan op zijn vijf eerdere albums.

In het eerste nummer lijkt Van Zandt het leven te omarmen. No Lonesome Tune is één van de vrolijkste nummers die hij geschreven heeft in zijn carrière. Maar hij is nog niet bij zijn vriendin: ‘I’m a coming soon’. Dan hoeft hij geen eenzame liedjes meer te zingen. Zover is het echter nog niet en als je zijn biografie leest dan weet je dat het nooit ‘huisje-boompje-beestje’ is geworden. Desalniettemin een mooi lied, dat schittert door eenvoud. Zo ook het begin met zang, bas, akoestische gitaar en de stem van Van Zandt. De drummer speelt een simpel ritme op één trommel en een lapsteel gitaar plus een banjo komen erbij om het geluidsplaatje compleet te maken. Hierdoor gaat ook de coda aan het einde niet vervelen. Door No Lonesome Tune zou je op het verkeerde been gezet kunnen worden en denken dat dit een standaard vrolijk countryalbum is. Maar Sad Cinderella maakt een eind aan de vrolijkheid en is zeker geen typisch sprookje. Assepoester krijgt waarschijnlijk geen happy end in deze versie, want de verteller spreekt haar als volgt toe: ‘Outside your windows you start hearing sounds, where they’re building a cross for to burn you’. De poëzie in dit nummer is verontrustend mooi op een Dylan-achtige manier, maar wat mij betreft meer samenhangend dan de meeste teksten van Bob. De woorden worden ondersteund door een triest walsritme, met bas, piano en gitaar. Een smaakvol klinkend koortje zingt mee met het refrein gearrangeerd door Chuck Cochran, die de rest van het album op één nummer na ook gearrangeerd heeft. Het arrangement en de doeltreffende instrumentale begeleiding doen het nummer veel meer eer aan dan de eerste opname. Van Zandt had dit nummer al opgenomen voor zijn debuutalbum For The Sake Of The Song. Zijn stem heeft daar een grote galm en het klavecimbel is vrij overbodig; beide zijn waarschijnlijk toegevoegd om het beter te laten passen in de hippieperiode waarin het is uitgebracht. Van Zandt was wisselend tevreden met de opnames op zijn eerste vijf albums. The Late Great – zoals ik het album vanaf nu zal noemen – is zijn zesde. Op elk van de eerste vijf albums staat minstens één tweede versie van een nummer.

Op German Mustard speelt Van Zandt samen met gitarist Rocky Hill. Het lijkt een spontaan nummer te zijn; ‘Why don’t you play a song, I’ll sing’ zegt de zanger tegen de gitarist nadat hij ijsblokjes in zijn drankje heeft gegooid. Hill, de eerste gitarist van het trio dat later ZZ Top zou worden, speelt een heerlijke slidegitaar blues. In de stijl van de oude blueslegendes, die een buisje van glas of koper over de snaren haalden om de toonhoogte te bepalen. De tekst lijkt, zoals gebruikelijk bij een jamsessie, geïmproviseerd en dat is wel aangenaam passend bij het nummer. Van Zandt verbetert zichzelf ook een keer: ‘They pump that bad blood in ya, just like a fireman shootin’ dogs… Firemen don’t carry guns, Everybody knows that.’ Dit houdt het luchtig, maar waar de German Mustard vandaan komt, of waar het voor staat is mij een raadsel. Het zit in ieder geval tussen tussen de pijpen van ‘Baby’s’ spijkerbroek aan het eind van het liedje. Don’t Let the Sunshine Fool You is geschreven door singer-songwriter Guy Clark, één van de beste vrienden van Van Zandt. Hij was de getuige op Clarks huwelijk en bleef vervolgens acht maanden bivakkeren bij het pasgetrouwde stel. De tekst van het nummer lijkt een waarschuwing om niet te vallen voor de verleidingen die je van het rechte pad afleiden. De verleidingen kunnen drugs, drank en/of vrouwen zijn, maar houdt de tijd in de gaten, dan komt het wel goed. Het lijkt op zijn minst ironisch dat Van Zandt deze tekst zingt. Maar Clark en hij lijken sarcastisch in de laatste regel: ‘Get yourself a piece of that rainbow pie, no reason in the world you can’t get by’. Twee gitaren, waarvan één volgens mij lapsteel, een bas en een subtiel koortje zorgen voor een (ogenschijnlijk?) vrolijk deuntje. De drummer tikt rustig weg op de rand van zijn snaredrum.

Wie enigszins bekend is met het country genre, zal Hank Williams kennen en waarschijnlijk dan ook het nummer Honky Tonkin. Deze held van Van Zandt, die net als hem kwam te overlijden op 1 januari, is de grondlegger van de moderne country songwriting. Van Zandt speelt het nummer iets langzamer en ´zwaarder´ dan het origineel, met twee vrij heavy gitaarsolo´s op het einde. Dat hij dit nummer kiest, lijkt een verwijzing naar zijn levensstijl: Hij honky-tonkte wat af in zijn tijd, daar gaat de tekst dan ook over. Verder is de cover vrij netjes. Een typisch country pedal steel gitaargeluid een ouderwets drumritme en percussie die lijkt op het tikken op flessen, alles goed passend bij het liedje. Van Zandt doet zelfs de snikjes in de stem die zo kenmerkend zijn voor Williams geluid. Snow Don’t Fall is een stuk minder vrolijk, het werd geschreven nadat Van Zandts toenmalige vriendin op gruwelijke wijze om het leven was gebracht. Dit nummer, met zijn tekst en orkestratie, zou in de handen van bijna elke andere muzikant goedkoop aanvoelen. Maar nu komt het binnen met zijn aparte opbouw van twee coupletten, een brug van twee zinnen en dan weer het eerste couplet. Alleen dat verschrikkelijke klokkenspelletje in de brug, daar vliegt producer Kevin Eggers even uit de bocht. Maar de zin ‘My love, I need not see, to know she cast her glance at me’, is pure poëzie en niet kapot te krijgen. Fraulein is, in ieder geval qua melodie, weer wat meer opbeurend. Het is een cover, geschreven door een andere Williams, Lawton genaamd. Gebaseerd op zijn ervaringen als Amerikaans militair, gaat het over een Duitse schone, net na de Tweede Wereldoorlog. De tekst is eigenlijk ook best wel vrolijk, hoewel een tikje melancholisch. Als de hoofdpersoon zijn gedachten de vrije loop laat, herinnert hij zich het gezicht van zijn knappe ‘fraulein’ die hij heeft achtergelaten in Duitsland, een fijne herinnering. Het origineel, een hit voor Bobby Helms in 1957 (je kent hem wel van Jingle Bell Rock), is wel erg zoet. Townes Van Zandt heeft er een eigen, overtuigende versie van gemaakt, wellicht als eerbetoon aan zijn vader. Het was namelijk het favoriete liedje van papa Van Zandt. Kleine Townes beloofde aan de Kerstman dat hij dit liedje zou leren als er een gitaar onder de kerstboom zou liggen en zo geschiedde.

We bedanken de Kerstman op onze blote knietjes want zonder deze gitaar was uiteindelijk Pancho and Lefty niet geschreven. Dus niet ‘poncho’ zoals op het label vermeld staat, want dat is een regenmantel en een spelfout. Pancho is een bandiet die zijn laatste adem uitblaast in de Mexicaanse woestijn. Lefty was zijn vriend of vijand, het ligt eraan hoe je de tekst interpreteert, daarom is die ook zo goed. Nadat Pancho is overleden, heeft Lefty in ieder geval ineens genoeg geld om naar Ohio te verkassen en de ‘federales’(Mexicaanse federale politieagenten) laten hem met rust. Het verhaal eindigt met Lefty eenzaam in Cleveland (Ohio). De productie van Pancho and Lefty is redelijk doeltreffend, je kunt in ieder geval de hele tijd Van Zandts fingerpicking op de gitaar horen. Die was, vooral in het begin van zijn carrière, feilloos. Je kunt je afvragen of de blazers in het refreintje nodig waren geweest, maar het geeft wel een soort Mexicaans sfeertje dat bij het verhaal past. De tekst is briljant geschreven en een leraar Engels zou hier helemaal ‘loose’ op kunnen gaan, maar ik wil ook een poging wagen. Van Zandt begint met een couplet in de tweede persoon, alsof hij een verhaal vertelt tegen iemand: ‘My friend’ en ‘you’, het is niet duidelijk wie die iemand is. Het eindigt met ‘you said goodbye and sank into your dreams’, en dan begint het eigenlijke verhaal pas, over de twee bandieten, in de derde persoon. In dit verhaal laat hij vrij veel open voor interpretatie, het is vaak geopperd dat Lefty Pancho verraden zou hebben, maar dit wordt nergens expliciet genoemd. Een aanwijzing hiervoor zou het refrein kunnen zijn waarin vermeld wordt dat de federales ‘hem’ laten gaan, uit goedwillendheid. Bij elke herhaling van het refreintje verandert er iets in de tekst, waardoor je een besef krijgt van verstrijkende tijd. Ook begin je als luisteraar te twijfelen of ze hem wel lieten gaan uit de goedheid van hun hart en of hij er uiteindelijk beter van is geworden. En dan spreekt Van Zandt in het laatste couplet nog eens rechtstreeks tot de luisteraar: ‘Pancho needs your prayers, it’s true, but save a few for Lefty too. He just did what he had to do. Now he’s growing old.’ Wellicht weer een hint dat Lefty iets heeft gedaan dat niet zo fraai was. Van Zandt trekt echt alles uit de kast bij dit nummer en het is door velen gecoverd, maar wat mij betreft nooit beter dan het origineel.

Zo is het eigenlijk ook met If I Needed You, één van Van Zandts enige liefdesliedjes. Emmylou Harris heeft een verdienstelijke cover gemaakt met haar kenmerkende geweldige stemgeluid, maar toch vind ik een lager register er beter bij passen. Vooral als je weet wat die stembanden allemaal meegemaakt hebben. De tekst is van een simpele schoonheid en ‘that would break my heart in two’ zou in veel nummers overdreven klinken, maar hier past het perfect in de context. Voor het geval je je afvraagt wie Loop en Lil zijn; Dat waren Townes’ parkieten. Ja echt: ‘Loop and Lil agree she’s a sight to see.’ De twee parkietjes gingen een tijd lang overal mee naartoe. Gelukkig zijn de gitaar en stem van Van Zandt weer op de voorgrond in de mix. Verder smaakvolle countryaccenten van violen, pedal steel gitaar en een honky-tonk-achtige bas. Het één na laatste nummer bewijst dat Townes Van Zandt als songwriter niet in een hokje te plaatsen is. Op Silver Ships of Andilar laat hij zijn voorliefde voor klassieke Engelse literatuur zien. Met ouderwetse taal en een verhaal dat doet denken aan Rime Of The Ancient Mariner van Samuel Taylor Coleridge, zet hij een evenzo gruwelijk beeld neer. Het gaat te ver om de twee hier uitgebreid te vergelijken, maar overeenkomsten zijn er zeker. In zeven epische coupletten van acht regels vertelt Van Zandt over een vloot schepen die een rampzalige reis onderneemt. Geschreven door de laatst overlevende zeeman, lijkt het een brief in een fles en de vraag is of die ooit iemand zal bereiken. Dit nummer is dus niet standaard country/folk, de muziekstijlen waarin Van Zandt zich normaal gesproken beweegt. Toch past het wel op het album, misschien door het strijker-  en vocale arrangement van Bergen White, één van de bekendste arrangeurs van Nashville en haar countrygeluid. Het laatste nummer blijft in het maritieme thema. Maar is Silver Ships letterlijk en figuurlijk in mineurstemming, dan is het volgende nummer Heavenly Houseboat Blues  het tegenovergestelde. Samen geschreven met de vrouw van Guy, Susanna Clark, is het een vrolijk nummer, maar niet overdreven. De strekking van het liedje: Goud en zilver zijn vrij weinig waard als je er een drijvende boot van wil maken. De laatste zin is dan ook gezongen alsof Van Zandt onder water terecht komt. Het is verfrissend om hem een keer helemaal alleen met zijn gitaar een nummer te horen doen. In deze setting zou hij live, volgens de overlevering, ook het beste zijn geweest.

Met het album The Late Great Townes Van Zandt lijkt Van Zandt, zoals ik al schreef bij de bespreking van het eerste nummer, het leven weer te omarmen. Een reden hiervan kan zijn dat hij in 1972 klinisch dood werd verklaard achterin een ambulance, als gevolg van een overdosis heroïne. Bij het ziekenhuis aangekomen werd hij weer gereanimeerd zodat hij in staat was om het jaar daarna The Late Great op te nemen. Als je het gemiddelde van dit album neemt, is dat veel vrolijker dan dat van de voorgaande albums. Door de nummers die hij niet zelf geschreven had op te nemen, creëerde Van Zandt een aangenaam evenwicht,  dat je op eerdere albums met vlagen wel mist. Door de opgewekte covers, komen zijn eigen sombere composities juist meer tot zijn recht. Ook de productie is een stuk soberder waardoor het geheel niet topzwaar wordt. Zoals bijvoorbeeld bij de eerdere versie van Sad Cinderella met klavecimbels, zware echo’s etc. Kevin Eggers die op negen van de elf nummers producer was, zei later dat de titel The Late Great een inside joke was. Het zou een verwijzing zijn naar de carrière van Van Zandt die allang dood was, en dus niet meer van de grond kwam. Misschien dacht hij bij dit album: ‘Hell, het wordt toch niks, laat hem maar een keer zijn gang gaan zonder veel franje.´ Van Zandts nummers en zijn zeggingskracht komen zo in ieder geval het beste naar voren. Dat hij nummers kon schrijven staat buiten kijf. Bij veel nummer is gebleken dat hij zinnetjes die op zichzelf bijna kinderachtig lijken, tot poëzie verheft. Tel daarbij op: een gave om de juiste akkoorden te kiezen en een sublieme beheersing van fingerpicking op de gitaar, en je bent er. Als je door Kris Kristofferson een ‘songwriter’s songwriter’ wordt genoemd, ben je Great. Maar helaas wel Late.

9.0

Over Berrie Reijs

Berrie Reijs
Sinds de cassettebandjes in de auto op weg naar de zomervakantiebestemming ben ik geobsedeerd door muziek. Veel van de artiesten die toen voorbij kwamen zijn nu deel van mijn platencollectie. Later is mijn smaak breder geworden en vandaag gaat die van country via punkrock naar hiphop en weer terug. Ik sluit me in deze volledig aan bij Jimi Hendrix die stelde dat er maar twee soorten muziek bestaan: Goede en slechte. Schrijven vind ik een aangename bezigheid en door te schrijven voor deze site, wil ik mensen kennis laten maken met de muziek waar ik van houd en mijn schrijfstijl.

Lees ook eens

The Band - The Band 1969

The Band – The Band (1969)

The band was één van de invloedrijkste bands in de country en rock muziek. De vijf …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *