Jason Isbell and The 400 Unit – The Nashville Sound

Jarenlang was de uit Alabama afkomstige Jason Isbell een vast gezicht in het southern rock gezelschap van Drive-By Truckers. De band waarmee hij muzikale hoogtepunten vierde met albums als The Dirty South en Decoration Day verliet hij in 2007 noodgedwongen door zijn drugs- en alcoholverslaving. Het zou nog jaren duren voordat de talentvolle muzikant en tekstschrijver weer nuchter het podium zou betreden. Op zijn laatste twee albums, het in 2013 verschenen Southeastern en in 2015 uitgebrachte Something More Than Free hoorden we het talent weer aan het werk in de kracht van onderwerpen als soberheid en zijn huwelijk met violiste Amanda Shires. Op The Nashville Sound brengt hij niet alleen zijn vaderschap onder de aandacht bij de luisteraars, maar schroomt hij ook niet om zijn politieke ideeën te verkondigen. De angst en boosheid die hij verwerkt in de diversiteit van zijn muziek, van de stevige southern rock tot de emotionele toonzetting van de Americana. De veranderingen in Music City Nashville brachten hem op het idee deze vast te leggen op een plaat. Waar de naam van zijn vaste begeleidingsband The 400 Unit op zijn voorgaande albums ontbrak straalt deze ditmaal weer op de hoes. De waardering voor hun jarenlange samenwerking en de intense samenhang die de muziek van de band heeft vormgegeven.

‘I couldn’t be happy in the city at night, You can’t see the stars for the neon light’ zingt Jason in het openingsnummer Last of My Kind. Een nummer waarin hij zowel kijkt naar de veranderende wereld om hem heen als het gevoel van eenzaamheid in de grote stad. De akoestische gitaarklanken en viool scheppen de rust die hij zoekt in de snelle ontwikkelingen in de plekken uit zijn jeugd. De dagen van zijn tijd in Alabama zijn geworden tot vage herinneringen en onscherpe foto’s. De keyboardklanken voeren hem langzaam weg van het verleden en laten zijn zorgen over de wereld waarin zijn kind opgroeit naar voren komen. De intensieve klanken van de southern rock vormen Cumberland Gap, een ode aan de kinderen uit de gebieden van de kolenmijnen. Een nummer waarin de muzikale kracht van The 400 Unit de teksten van meer kleur voorziet. Het voelbare gewicht van het zware werk in de mijnen en het wegdrinken van alle negatieve gedachten in de plaatselijke bar snijden door je ziel heen. Het zijn de stadjes in de Amerikaanse ‘Cumberland Gap’ waar bijna geen onderscheid tussen te maken valt, ‘And if you don’t sit facing the window, You could be in any town’ zo zingt Isbell. In Tupelo schetst hij een karakter waarbij de problemen zo diep genesteld zitten dat hij denkt dat een ontsnapping naar een andere stad al zijn problemen laat verdwijnen. Jason ontwikkeld het personage in zijn ontroerende zangstem en laat de liefde ontspringen in zijn samenzang met Amanda Shires. De subtiele drumklanken van Chad Gamble brengen het verhaal in beweging, van de hervonden liefde, tot het einde van al zijn hoop. De wisselende stemming van het ontwikkelde karakter brengen deze man op het einde nog meer in verwarring dan hij al was.

Op White Man’s World drukt Jason zijn politieke stempel neer. Zijn woede over de behandeling van inheemse stammen, het voorrecht waarin de witte bevolking zich bevindt en de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen sijpelen door in de intensiteit van de vervreemde gitaarklanken. Het verleden is niet alleen voelbaar in de breekbare stem van Jason, maar wordt ook gevormd door de diversiteit in instrumentatiegebruik. Van de langgerekte gitaarklanken en het melodieuze keyboardspel tot aan de emotionele kracht van de viool. Zijn frustraties weet hij op een sublieme manier om te zetten in de bewustwording van onze uitspraken en het leveren van een bijdrage aan ongelijkheid in onze samenleving. Jason brengt deze teksten op een manier die voor iedereen herkenbaar is, zeker als hij op een emotionele manier zingt:

I’m a white man looking in a black man’s eyes
Wishing I’d never been one of the guys
Who pretended not to hear another white man’s joke
Oh, the times ain’t forgotten

Het zijn onderwerpen die de luisteraar aan het denken zet, zo ook over de sterfelijkheid van de mens in het aangrijpende If We Were Vampires. De dag komt dat je in eenzaamheid de rest van je leven doorbrengt, wanneer je geliefde is gestorven. Een breekbare ballad waarin de harmonieën tussen Isbell en Shires de schoonheid doen vergroten. Als de mens onsterfelijk zou zijn bracht de liefde hen niet de mooie dagen van het samenzijn. De subtiele klanken van de akoestische gitaar zijn genoeg om de intense kracht van de liefde te versterken. De zorgen en angsten overspoelen het personage op het rauwe Anxiety. Southern rock op zijn best, met ruw gitaarpassage’s en een aangeslagen Jason. De constante angst voor wat ons kan overkomen bezorgt hem hoofdpijn en drukt zijn levenslust weg. Sadler Vaden bouwt samen met Jason aan de intensiteit van het gitaarspel. Na de geboorte van zijn dochter heeft Isbell er moeite mee de constante dreiging weg te dringen: ‘I’m out here living in a fantasy, I can’t enjoy a goddamn thing’. Molotov brengt de rust in het spel terug, maar zijn verleden laat hem niet met rust. Het is het jaar 1998 en Jason bevindt zich op een beurs in een provinciestadje, alwaar hij de liefde tegemoet loopt. Echter kent het vervolg van zijn leven wendingen die hij toen nog niet voorzag. Met de geboorte van zijn dochter hoopt hij het levensvuur nog steeds aan te wakkeren, ondersteund door het verfijnde gitaarspel en de muzikale rust.

In Chaos and Clothes komt de muzikale variatie definitief tot uiting in Jason’s veranderende zangstem en de ontspannen klankstructuur. Het nummer brengt hem bij zijn muzikale vriend Ryan Adams, met wie hij al jarenlang een hechte band heeft. Het verloren huwelijk van Adams staat centraal in zowel de droevige als opbeurende woorden vol referenties naar nummers van Ryan. ‘Now name all the monsters you’ve killed, Let’s name all the monsters you’ve killed’. Isbell weet ook dat na het naar buiten brengen van al zijn frustraties de rust weer weder moet keren, zo horen we op Hope the High Road. De opwaartse toon ontwikkelt zich gedurende het nummer: ‘I’ve heard enough of the white man’s blues, I’ve sang enough about myself’. Zijn schone geweten brengt hem naar loepzuivere gitaarsolo’s en het versnelde ritme van het muzikale geheel. De orgelklanken voeren je mee naar een wereld waarin het plezier in het leven is teruggewonnen en hij zonder angst zijn dochter kan laten opgroeien. De country en folk traditie keert terug in het slotstuk Something to Love. Niet alleen op muziekgebied, maar ook inhoudelijk voert het de klanken van zijn leven aan. Van zijn jonge dagen in een ‘tiny southern town’, de liefde voor zijn vrouw en de geboorte van zijn dochter. Een prachtig duet met zijn liefde Amanda Shires, met de meeslependheid van de klanken van gitaren, fiddle en drums. De boodschap aan zijn dochter is duidelijk, laat je zorgen vergeten door iets waar je vrolijk van wordt, ‘Something to love, it’ll serve you well’.

Sinds Jason Isbell de drank heeft afgezworen weet hij zijn muzikale talent steeds verder te ontwikkelen, zo bewijst hij ook weer met het prachtige The Nashville Sound. Een album waarin de traditionele klanken uit Nashville worden verwerkt in zowel de ontroerende muzikale pareltjes als de door de rauwe gitaarklanken voortgedreven nummers. In de teksten vormen zijn angst, woede en verleden de boventoon voor de diversiteit van het album, maar weet hij tevens de liefde voor zijn dochter en vrouw centraal te stellen. Daarnaast is het een meer dan terechte waardering dat zijn begeleidingsband The 400 Unit weer op het affiche prijkt, want de samenhang tussen de diverse klanken vormt een aangenaam geheel. Het album heeft Jason Isbell niet van al zijn zorgen ontnomen, maar je weet dat het goedkomt als hij zegt: ‘I still have faith, but I don’t know why, Maybe it’s the fire in my little girl’s eyes’.

8,3

Tracklist:

  1. Last of My Kind (4:22)
  2. Cumberland Gap (3:24)
  3. Tupelo (4:01)
  4. White Man’s World (3:56)
  5. If We Were Vampires (3:35)
  6. Anxiety (6:57)
  7. Molotov (3:46)
  8. Chaos and Clothes (3:34)
  9. Hope the High Road (3:03)
  10. Something to Love (3:39)

Speelduur: 40:17
Genre: Americana, Southern Rock, Roots
Releasedatum: 16 juni 2017


Jason Isbell and The 400 Unit - The Nashville Sound

 

Over Hugo van den Bos

Hugo van den Bos
Als muziek- en vinylliefhebber ontwikkelde ik in 2011 de site Platendraaier, om een overzichtelijk platform te bieden met informatie over platenbeurzen, platenzaken en bijzondere hoezen. In de loop van de jaren zijn hier diverse onderdelen bijgekomen zoals een concertagenda, een lijst van poppodia en een overzicht van verschenen muziekdocumentaires. Eind 2013 startte ik de muziekblog, waarop door mij geschreven albumrecensies, concertverslagen, muzieklijstjes en artikelen over platenzaken te vinden zijn. Andere activiteiten: ontwerpen en programmeren van websites, backpacken door verre oorden, bekijken van complexe films, actief meedenken bij tv quizzen, kilometers vreten op de mountainbike en als wandelaar, drinken van kwaliteitskoffie, smikkelen van de binnen- en buitenlandse keuken en genieten van speciaalbieren.

Lees ook eens

Raw Flowers – No Time Like The Present

Raw Flowers – No Time Like The Present

Na hun debuutplaat uit 2014, keert de band Raw Flowers terug met een nieuwe bassist en het album No …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *