JD McPherson – Undivided Heart & Soul

JD McPherson levert met Undivided Heart & Soul een nieuw album af, opgenomen in een oude studio. Hij wordt wel een ‘revivalist’ of een ‘retro-rocker’ genoemd, maar zijn muziek is volledig overtuigend. Het woord retro impliceert namelijk dat hij iets of iemand nadoet, maar hij lijkt geboren om Rock & Roll te spelen, zoals hij zijn eigen muziek noemt. Die muziek is ingespeeld in de RCA studio B in Nashville. De stad, ook wel Music City genoemd, en de studio zijn plaatsen vol muziekgeschiedenis. De studio werd in het verleden gerund door Chet Atkins, die er vele country en Rock & Roll legendes vastlegde. Veel instrumenten die door McPherson en de andere musici bespeeld werden, hebben een connectie met helden van weleer. De piano is gebruikt voor opnames van The Everly Brothers, de vibrafoon voor die van Roy Orbison en ga zo maar door.  Wat ik met het voorgaande wil bevestigen, is dat de sound inderdaad retro is. Of nee, ‘vintage’ is eigenlijk beter in deze, omdat de studio en de instrumenten écht oud zijn. Maar de songs zijn nieuw. McPherson heeft zeker geleerd van oude Rock & Rollers, echter als je genoeg studeert en oefent, kun je je een stijl zo eigen maken, dat die van jou wordt. Je bent dan niet aan het kopiëren, maar bewijst met een knipoog en eventueel een opgeheven glas, de eer aan je voorgangers. De gitaar die hij naar eigen zeggen zevenennegentig procent van de tijd gebruikt heeft voor de opnamen is overigens speciaal voor hem gemaakt en dus ook nieuw. En bijzonder lelijk als je het mij vraagt, maar daar hoor je gelukkig niks van, dus laten we maar gaan luisteren.

Het eerste nummer is Desperate Love en het heeft die fijne tik van de drums op de twee en de vier, die altijd swing geeft. De twee elektrische gitaren, aangevuld door de bas, zijn de drijvende kracht in dit nummer. Eén gitaar speelt constant gedempt, meer voor het ritme dan voor de melodie, de andere speelt ouderwets hoekige akkoorden. In het refreintje komt er een pianootje bij dat zo weggesleept lijkt te zijn uit een saloon. Zo een met van die klapdeuren, toen de mannen nog laarzen met sporen hadden. De drummer heeft het rustig in dit nummer en is er vooral ter ondersteuning, tijdens de breaks mag hij wel een typisch ratelgeluidje maken. McPhersons stem is direct herkenbaar, een gladde Rock & Roll stem met een rafelig randje waar nodig. In de tekst heeft hij het over een wanhopige liefde die hij niet gaat overleven als het zo doorgaat. Hij is immers ook maar een mens van vlees en bloed. In de solo een fijn ratelend gitaartje op de achtergrond, dat Mexicaans aandoet. De sologitaar speelt een ontspannen solo, perfect passend bij het nummer. McPherson heeft in een interview gezegd dat zijn visie op solo’s is; Dat ze het beste zijn als je ze mee kunt neuriën. Met deze solo blijft hij trouw aan die bewering. Daarbij is de sound bijna dubbel; Of het is een hele snelle echo, of het is een overdub met een andere gitaar. De bas komt wat meer naar de voorgrond bij nummer twee, Crying’s Just A Thing You Do. Het eerste couplet wordt gezongen over de riff van de bas met een akoestisch ritmegitaartje links in de stereomix. Bij het refrein komt het bovengenoemde pianootje er weer bij, om ook blazers te incorporeren. Die zorgen, ondanks het ‘Crying’ in de titel, voor een vrolijk geheel. Er zit ook een elektrisch gitaartje op de achtergrond, vergelijkbaar met Desperate Love, die eigenlijk het hele nummer gedempt bespeeld wordt en meer als ritme-instrument fungeert. Maar het elektrische gitaartje wordt in de solo ingeruild voor een ronkend garagemonster dat de versterker bijna lijkt te laten ontploffen. Ook in het outro kun je hem nog net even horen; Eén van de smerigste gitaargeluiden die ik in lange tijd gehoord heb. En dat bedoel ik als een compliment. Ik denk dat dit de lager gestemde baritongitaar is, met een gewone elektrische gitaar op de achtergrond. ‘You’ in de titel verwijst naar de vrouw van de hoofdpersoon. Zij is niet te troosten, huilen is gewoon iets wat ze doet. Hij kan haar geen voldoening geven en raakt erdoor in de knoop.

Het muntje van Lucky Penny brengt helaas geen geluk. Sterker nog, het geeft alleen maar pech. Om dat te onderstrepen heeft McPherson zijn gitaargeluid (weer) onder gedoopt in een fuzzy sausje. Het geluid is als een opgevoerde Ford Mustang, een beetje ordinair met veel herrie, maar oh zo lekker. Dat is het geluid van het refrein en het intro, het couplet wordt gezongen over enkel bas en drum. De pre-chorus wordt ingevuld met lange halen op de gitaar. Twee coupletten, dan de solo die weer in de categorie ‘meezinger’ te plaatsen is. Ik ben daar absoluut een voorstander van. Het derde couplet wordt extra mooi ingekleurd door de bassist. Tijdens de laatste zin van de pre-chorus speelt McPherson de zanglijn mee op de gitaar wat een extra impuls geeft: ‘This lucky penny gives nothing but bad luck…’ Het volgende nummer Hunting For Sugar vertraagt op een aangename manier. Een ballade, gericht aan een, al dan niet toekomstige, partner: ‘Don’t pass my doorsteps if you’re hunting for sugar.’ En hoe kun je deze jongen weigeren met zijn – hoe toepasselijk – zoete stemgeluid? Het hele nummer is gedrenkt in echo, alsof we 60 jaar terug in de tijd gaan. Waarschijnlijk is het geluid van Hunting For Sugar, of een paar sporen, in de echo chamber van de studio afgespeeld en weer opgenomen. Een proces dat McPherson naar eigen zeggen veelvuldig gebruikt heeft: ‘But (…) I was compelled to add more fuzz to guitars and run everything through the old echo chamber. EVERYTHING got sent through that echo chamber!!’ Het geluid als geheel is dus vintage, zoals we bij de voorgaande nummers ook al gehoord hebben, maar we horen wel een ander geluid in de stem van McPherson. Hij gebruikt hier meer van zijn bereik, wat duidelijk hoorbaar is in het eerste couplet waar geen gitaar te horen is. De gitaar wordt even aan de kant gelegd na het korte introotje. Een milde, warme bas van Jimmy Sutton en een geweldig gemixte drumsound van Jason Smay met bovengenoemde echo erover, zorgen voor de onderlaag. Hierover speelt de elektrische piano van Raynier Jacob Jacildo prachtige akkoordjes. Zelfs een bel komt erin voor om het refrein in te luiden. Het geheel wordt een soort R&B ballad, inclusief koortjes, die eigenlijk best wel standaard is qua akkoorden en woorden. Desalniettemin is alles zo mooi ingevuld dat het een prachtig nummer wordt; de clichés zijn volledig vergeven.

On The Lips tapt muzikaal uit een heel ander vaatje. Het introotje doet mij onmiddellijk aan Joy Division denken. Of dit bewust is gedaan weet ik niet, maar het zou een verrassende invloed zijn na wat we in de vorige nummers hebben gehoord. De percussie in het begin met de echo erover lijkt typisch zo’n beat van Joy Division; je kunt niet helemaal thuisbrengen wat het precies is. Ian Curtis en consorten spoten bijvoorbeeld met een spuitbus vlak voor een microfoon, om zo een ritme te creëren. Het gitaargeluid van JD McPherson en de riff die hij speelt zijn ook uiterst New Wave. Dan komt er nog een keyboardgeluid bij, dat zo lijkt weg geslopen uit een track van The Cure. Maar genoeg vergeleken, dit nummer staat op zichzelf, met verve. Dat het wel een buitenbeentje op het album is heeft McPherson bevestigd. Hij wilde het nummer eerst niet (zelf) opnemen, maar zijn vrouw overtuigde hem gelukkig. De tekst over ‘a one time kiss’ past uitstekend bij de gekozen melodie en sound. Ik kan er niet helemaal de vinger opleggen waar het nu precies over gaat, maar er zitten mooie, impressionistische beelden in zoals: ‘Time burns, you forget the feeling, the tinkle from your knees to your fingertips. Memories fade away with ease, but there’s a mark that I got hid.’ In de solo, die eigenlijk meer een instrumentale brug is, speelt de gitarist eerst gedempt en daarna open. Ik schrijf ‘de gitarist’, omdat er in totaal zes gitaristen meespelen op het album. Er wordt niet specifiek in de credits vermeld wie precies wat speelt. Op de achtergrond horen we bijvoorbeeld ook een soort vogelgeluidjes in de solo/brug. Je kunt die oproepen door een slide heel dicht bij de brug van je gitaar over de snaren te laten glijden.

Undivided Heart & Soul, het titelnummer, heeft een voor het album meer gebruikelijk geluid. Fijn om een tweede stem naast die van McPherson te horen, hoewel het ook zou kunnen zijn dat hij hem zelf zingt. Er is wederom een gitaartrack aanwezig die stiekem heel smerig is. Een geluid dat op de één of andere manier prima samengaat met het klokkenspel in de solo. De tekst gaat over een liefde die niet beantwoord wordt. De verteller wilt onverdeelde hart en ziel – vandaar de titel – van  zijn ‘slachtoffer’ en alles wat hij verder kan pakken van die persoon. Dit lijkt egoïstisch, maar het slachtoffer, ik denk een vrouw, is in deze niet echt een slachtoffer. Zij houdt ervan geprezen te worden en hoort het dus aan, zonder uitsluitsel te geven over een eventuele uitkomst. De verteller zingt dan ook: ‘Puzzled by your smile and punished by your silence, all those clever turns of phrase. Always very nearly on the verge of kneeling, As you’ll feed with songs of praise.’ Een tekst die sommige mannen of vrouwen bekend in de oren zal klinken. Het lied speelt dus een beetje met de vraag wie het slachtoffer is. Nummer 7 op het album, Bloodhound Rock, is iets meer rechttoe rechtaan in tekstueel opzicht. Na een lange en geniale intro wordt de boodschap van dit Rockabilly lied duidelijk: Lekker dansen. En het is eerlijk gezegd best een uitdaging om niet te dansen op deze plaat. De pompende bas en het gitaarriffje in de coupletten (dat sterke overeenkomsten vertoont met Green Onions van Booker T. & the M.G.’s) zijn hier grotendeels verantwoordelijk voor. Ook hier is de simpele opbouw meteen vergeven door het vuur en de professionaliteit van de muzikanten. Het is sowieso ontzettend moeilijk om een overtuigend nummer te schrijven, in een genre dat vaak een heel simpele liedstructuur gebruikt. Het is als een examen, wat trouwens geen weldenkend mens zou vragen van McPherson die zich allang heeft bewezen. Hij slaagt hoe dan ook met een excellent resultaat.

Met Style Is A Losing Game, zijn we weer enigszins terug bij het ritme van het eerste nummer Desperate Love, die tik op de twee en de vier. Als ik niet zo klaar was met vergelijkingen, zou ik dit een Black Keys-achtig nummer noemen. Toch zit er een solo in die eigenlijk heel subtiel is, terwijl de gitaar in de rest van het nummer weer aangenaam fuzzy is. Een mooie tegenstelling waarin RCA studio B haar invloed lijkt te verraden; Het fuzzpedaal voor het ritmegitaargeluid en de echo op het sologeluid (zie bovenstaande quote). De tekst gaat over iemand die stoer probeert te zijn en naar de stad vertrekt. Maar in de stad gaat hij niet vinden wat hij zoekt. De les is dat je niet moet proberen om een stijl aan te leren: ‘Style is a losing game’ namelijk. ‘Jubileum’ is de vertaling van de titel van het volgende nummer, Jubilee. Maar het gaat hier niet om een feestelijke gebeurtenis, McPherson gebruikt het als een naam voor het object van zijn verlangen. ‘Jubilee’ is een feestbeest maar JD niet, bovendien is hij te koppig en trots om zijn liefde te verklaren. Een song verwrongen van onbeantwoorde liefde en onzekerheid. McPherson weet het overtuigend over te brengen als een soort mengeling tussen gladde R&B en rauwe blues. Hoewel de structuur van de song weinig verrassend is, wordt het een prachtig geheel, misschien ook door de trefzekere tekst: ‘Jubilee, while you sip that glass of wine, swaying in the party lights and feeling fine. When you’re buzzing like a bee, think of me jubilee. (…) There’s just some words that I can’t say. You’re the only thing that stirs up any music in me… Jubilee.’  De drummer speelt mooie fills die bijna militair zijn in uitvoering en sound. McPherson speelt zijn prachtig ingehouden solo op de lage snaren van zijn gitaar en houdt zo de band en de song op een elegante wijze in bedwang, zodat ze niet topzwaar worden. Under The Spell Of City Lights is weer losser en lichter van sfeer. Het doet me weer aan een andere band denken, maar het lijkt me genoeg om te zeggen dat het die fijne vintage sound heeft, met een drive en precies de juiste hoeveelheid van de verschillende elementen. Er is de songwriting (uitstekend), het vieze gitaargeluidje (niet te hard, maar wel met een randje), het fijne stemgeluid (met iets of wat ‘distortion’ op de eerste en tweede stem). En dit alles wordt met de professionele band aan het eind afgesloten met een geweldige break die helemaal nieuw is.

Link Wray en zijn gitaargeluid, is één van de eerste inspiraties geweest voor het geluid op dit album. Zonder hier uitgebreid over uit te wijden, zou je parallellen kunnen trekken tussen Wrays Rumble en McPhersons Let’s Get Out Of Here While We’re Young. Na het op een orgeltje gespeelde intro, komen de typische lange, verstoorde akkoorden op de gitaar erbij in het couplet. De titel verraadt al waar het nummer over gaat: vluchten als je jong bent. Een altijd terugkerend thema in de pop- en rockmuziek. Maar toch is het weer goed door de manier waarop het geschreven is en de muzikale begeleiding. Met name de smaakvolle fills en de hook van Jacildo op toetsen zijn uitmuntend. Het lied eindigt met een mooie brug, dan de laatste twee zinnen van het refrein en dan weer de brug. ‘We want out all the song we’ve sung. Come along honey, let’s get out of here while we’re young.’ Je moet dus letterlijk en figuurlijk niet hetzelfde liedje blijven zingen, maar doorgaan. Hier wordt het gezongen over de jeugd, maar het lijkt me iets van alle leeftijden. Let’s Get Out Of Here While We’re Young is een lied zonder haast, op een positieve manier, maar weet toch rond de aloude drie minuten grens te blijven. En zo eindigt ook dit album op een nette veertig minuten, wat ik perfect vind voor een album op LP.

Zoals in de inleiding reeds beschreven klinkt dit album van JD McPherson vintage. De echo chamber van de studio is niet zuinig gebruikt, maar dat hoort bij deze muziek en het geeft een zeer ‘dikke’ sound. Of je daarvan houdt of niet, McPhersons capaciteit om goede liedjes te schrijven is onverminderd aanwezig. Het ‘personeel’ dat meewerkt aan het album is ook ‘top notch’ zoals dat tegenwoordig heet. Er is niet alleen kwaliteit maar ook kwantiteit. Als je zes gitaristen, drie mixers, vier geluidstechnici en twee producers hebt, moet het haast wel goed komen zou je zeggen. Vooral als het geheel gemasterd wordt door de winnaar van een Grammy dit jaar, Joe LaPorta. Google zijn lijstje met albums maar eens. Undivided Heart & Soul verenigt vele Amerikaanse muziekstijlen tot één geheel, zonder een smaakloze brei te worden. De scherpe structuur van de liedjes en het talent om goede hooks te schrijven voor een nummer verbinden alles. ‘Less is more’ luidt het credo als het gaat om de akkoorden en structuren in de songs. McPherson is een begenadigd gitarist en vocalist die niet met de mode meegaat, maar zijn eigen ding doet. En als dat ding lijkt op iets uit het verleden maakt dat niet uit. De kwaliteit spreekt voor zich.

8,0

Tracklist:

  1. Desperate Love
  2. Crying’s Just a Thing You Do
  3. Lucky Penny
  4. Hunting for Sugar
  5. On the Lips
  6. Undivided Heart & Soul
  7. Bloodhound Rock
  8. Style (Is a Losing Game)
  9. Jubilee
  10. Under the Spell of City Lights
  11. Let’s Get Out of Here While We’re Young

Speelduur: 40:15
Genre: Rock & Roll, Rhythm & Blues
Releasedatum: 6 oktober 2017


JD McPherson - Undivided Heart & Soul

 

Over Berrie Reijs

Berrie Reijs
Sinds de cassettebandjes in de auto op weg naar de zomervakantiebestemming ben ik geobsedeerd door muziek. Veel van de artiesten die toen voorbij kwamen zijn nu deel van mijn platencollectie. Later is mijn smaak breder geworden en vandaag gaat die van country via punkrock naar hiphop en weer terug. Ik sluit me in deze volledig aan bij Jimi Hendrix die stelde dat er maar twee soorten muziek bestaan: Goede en slechte. Schrijven vind ik een aangename bezigheid en door te schrijven voor deze site, wil ik mensen kennis laten maken met de muziek waar ik van houd en mijn schrijfstijl.

Lees ook eens

The Crickets - Oh, Boy!

The Crickets – Oh, Boy!

The Crickets werden eind jaren 50 vooral beroemd door een muzikaal talent in de band, …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *